We hebben grote vooruitgang geboekt bij de bestrijding van verschillende belangrijke doods- en ziekteoorzaken. De levensverwachting is spectaculair gestegen; de kinder- en moedersterfte is gedaald, we hebben het tij gekeerd wat hiv betreft en het aantal malariadoden is gehalveerd.
Een goede gezondheid is essentieel voor duurzame ontwikkeling en de 2030-agenda weerspiegelt de complexiteit en de onderlinge verbondenheid van beide. Er wordt rekening gehouden met toenemende economische en sociale ongelijkheid, snelle verstedelijking, bedreigingen voor het klimaat en het milieu, de aanhoudende last van hiv en andere infectieziekten, en opkomende uitdagingen zoals niet-overdraagbare ziekten. Universele gezondheidsdekking zal een integrerend deel uitmaken van de verwezenlijking van SDG 3, het uitbannen van armoede en het verminderen van ongelijkheid. Opkomende mondiale gezondheidsprioriteiten die niet expliciet in de SDG’s zijn opgenomen, zoals antimicrobiële resistentie, vereisen ook actie.
Maar de wereld ligt niet op koers om de gezondheidsgerelateerde SDG’s te verwezenlijken. De vooruitgang is ongelijk, zowel tussen als binnen landen. Tussen de landen met de kortste en de langste levensverwachting gaapt een kloof van 31 jaar. En hoewel sommige landen indrukwekkende vooruitgang hebben geboekt, blijkt uit de nationale gemiddelden dat veel landen achterblijven. Multisectorale, op rechten gebaseerde en gendergevoelige benaderingen zijn essentieel om ongelijkheden aan te pakken en een goede gezondheid voor iedereen tot stand te brengen.






